Paljasken

Apestaarten schrijft: jongeren zijn mediavaardig… maar zijn ze ook mediawijs?

Op 27 april 2010 organiseerden Graffiti Jeugddienst vzw en Jeugdwerknet vzw de studiedag Apestaartjaren, over jongeren en nieuwe media. In het kader van die studiedag deden ze een grootschalig onderzoek bij 1700 jongeren over hun band met nieuwe media. Welke media bezitten ze? Wat doen ze op het internet? Wat vinden ze van sociale netwerksites? Welke afspraken gelden thuis? Allemaal vragen waarop we een antwoord zochten in ons onderzoek. Meer over hun onderzoek kan je op de apestaartjaren website lezen, ik licht er even uit, wat mij het opvallendst leek.

Netlog overtroeft Facebook

Op dit blog lees je regelmatig iets over Facebook, maar bij jongeren is het niet dié sociale netwerksite die het populairst is. Netlog blijkt voorlopig nog populairder, al neemt die populariteit van Facebook enorm toe. Hoe ouder jongeren worden, hoe vaker ze Netlog achter zich laten om over te stappen tot Facebook. Dat voeld ik al langer aan door gesprekken met leerlingen, maar dat gevoel werd nu cijfermatig bevestigd. Vooral jongere kinderen (reken vanaf 5e en 6e studiejaar lagere school) maken eerder een profiel aan op Netlog, dat met z’n toeters en bellen veel meer aansluiting geeft bij hun leefwereld dan het ietwat saai vormgegeven facebook.

Oproep: ik ben zelf aan het rondkijken op Netlog, om tot de conclusie dat die website vooral bevolkt wordt door het jonge volkje. Je kan me vinden op mijn eigen paljasken-netlogpagina. Ik zoek nog een aantal contacten op de sociale netwerksite om beter met de mogelijkheden te kunnen experimenteren. Voeg me dus gerust toe als vriend op netlog en help me een handje.

Media- en/of sociaal vaardig?

Uit de studie blijkt dat jongeren zonder veel problemen overweg kunnen met sociale netwerken, mp3-spelers, computer, … Jongeren ervaren de nieuwe technologie als iets overwegend positief.

De gemiddelde jongere is nog lang geen beeldbuiszombie, mp3‐doofstomme of gameverslaafde. Het internet zit heus niet vol met alleen maar virussen of oude mannen met nare bedoelingen. Hun privégegevens laten ze niet zomaar rondslingeren.

Jongeren maken online vrienden, spreken er zelfs in het echt mee af en meestal zijn dit goede ervaringen. Niet panikeren dus.Al te vaak worden nieuwsberichten, maar ook beleidsintenties en parlementaire vragen doorspekt met sensatiezucht en paniekaanvallen over alle mogelijke gevaren. We roepen de media en de beleidsmakers op tot een genuanceerde berichtgeving over jongeren en nieuwe media. Ook de positieve factoren en de ongeziene mogelijkheden die moderne technologieën bieden, mogen in de kijker gezet worden.

De schoolpraktijk leert echter dat jongeren vaak vaardig zijn met de technologiën waar ze plezier aan beleven, maar in de secundaire scholen hoor ik nog veel leerkrachten klagen over het gebrek aan basisvaardigheden met de computer. Een eenvormig tekstdocument maken met gebruik van de spellingscorrector blijkt bijvoorbeeld een probleem.

Ook lijken jongeren de onuitgesproken regels van communicatie niet te beheersen. Emails gericht aan leerkrachten over schoolwerk geschreven in sms-taal geven aan dat jongeren expliciet bewust moeten gemaakt worden van het verschil tussen formeel en informeel schrijven.

En ook dat komt terug in het apestaarten onderzoek:

Informatie opzoeken, selecteren en kritisch interpreteren of media strategisch inzetten in het dagelijkse leven: de ‘digital natives’ zijn helaas nog niet van alle markten thuis. Jongeren mogen dan wel vingervlug zijn op het internet of met hun gsm, media gebruiken maakt ook deel uit van een leerproces. Als jongerenbegeleiders is het onze taak om hen te ‘leren googelen’ of hen te leren Wikipedia kritisch te gebruiken.

ICT- en sociale vaardigheden als vak

Dit is een duidelijk oproep naar het onderwijs om onze jongeren beter op te leiden tot kritische computergebruikers. Want ouders, die het vaak zelf al helemaal niet meer weten kijken naar de leerkrachten, die op hun beurt weer terug kijken. Waar omgangsvormen, het belang van bronnen, van sociale normen (18% geeft b.v. aan al een foto van zichzelf online gezien te hebben die ze liever niét online zagen), … heel expliciet tot het programma in élke studierichting behoort. Het is met andere woorden hoog tijd dat media-vaardigheden net als sociale vaardigheden een belangrijke rol opnemen in de vorming van kinderen.

Stephen Fry vergelijk het internet met de uitvinding van de auto in  The virtual revolution:

Toen auto’s voor ‘t eerst in ‘t straatbeeld verschenen, gebeurden er ook tal van ongelukken. Hij vergelijkt dit met internet, want ook hier zien we dat mensen tegenslagen kennen op het net, en misschien net omdat er geen duidelijke regels zijn. Maar net als auto’s kan je de groei van het internet niet tegenhouden, omdat de verhouding gevaar – plezier overslaat naar de kant die we het liefste hebben.

Jongeren niet afschrikken maar begeleiden

Het internet evolueert zo snel en het is allemaal zo nieuw, dat er wel eens gewonden zouden kunnen vallen. En net zoals we kinderen in de lagere school nog niet leren autorijden, maar wél leren om zich veilig te begeven op de openbare weg, zouden we dat ook moeten doen met het internet.

Maar anderzijds volg ik de mening van het Apestaarten-onderzoek: laat jongeren jong zijn en experimenteren met de nieuwe media. Met een beetje begeleiding zullen ze er bijzonder veel plezier aan beleven en opgroeien tot mensen die de bijna oneindige bron van informatie die het internet is zullen gebruiken voor wat het waard is.

Leerkrachten-portaalsite KlasCement vind je hun standpunt over Sociale Netwerken. En voor ouders en leerkrachten die zelf niet meer helemaal kunnen volgen met de evolutie ontwikkelde het IThuis een interessante brochure met een laagdrempelige rondleiding in het sociale netwerk.

Verwante artikels:

  1. Facebook, Netlog en Twitter in het onderwijs: een bijscholing
  2. Computergebruik in het Vlaamse onderwijs: het gebruik van de computer
  3. De duiker, zijn hand en de kleine reuzin in Antwerpen

2 Comments

Leave a Reply




Spam Protection by WP-SpamFree