Computergebruik in het Vlaamse onderwijs: over de computers
28 April 2010 gaf de minister het onderzoeksrapport over het computergebruik in Vlaanderen vrij. Men onderzocht hoe het gesteld was met de computerinfrastructuur, het ICT beleid op de scholen en in hoe de leerkrachten en leerlingen met de computer en nieuwe technologie omgaan.
Na het doorlezen van het onderzoek had ik toch een aantal opmerkingen bij de resultaten. De volgende dagen bespreek ik telkens één deeltje van het onderzoek dat me aan het denken zette.
Belangrijke opmerking: de gegevens waarop de analyses dateren zijn volgens de pdf van het schooljaar 2007-2008.
In dit rapport wordt op vraag van het departement onderwijs een aantal bijkomende analyses gerapporteerd van gegevens die in het MICTIVO-project (OBPWO 06.05) in het schooljaar 2007-2008 werden verzameld.
Leeftijd en oorsprong van computers in het Vlaamse onderwijs
Zeker in het lager onderwijs lijkt situatie bijna dramatisch met 50% van de computers ouder dan 4 jaar. Als ik naar mijn schoolpraktijk (buitengewoon lager onderwijs) kijk, merk ik dat computers van 4 jaar oud (die nieuw aangekocht werden) op dit moment nog prima dienst doen. Belangrijk is dat hoe ouder computers worden, hoe vaker ze (kleine) defecten gaan vertonen, waardoor de ICT-coördinator vaker voor technische ondersteuning moet zorgen.
Een gelijkaardige conclusie kan getrokken worden uit de cijfers over de oorsprong van de computers. Dan zien we dat 60% van het computeraanbod in het lager onderwijs geen nieuw materiaal is. Op zich is het niet zo’n probleem dat computers, ofwel tweedehands gekocht, of gekregen zijn. Ik weet echter dat deze meer tijd vragen van de ICT-doördinator. Enerzijds zijn giften meestal relatief kleine aantallen en vaak ook niet identieke toestellen. Hierdoor kan je niet werken met zogenaamde “imaging programma’s” die een exacte kopie overzetten van de ene computer op een andere. Elke computer vraagt een eigen, individuele aanpak (en vele uren configuratie) voor hij klaar is voor klasgebruik. Ook is bij deze giften of oudere tweedhands gekochte toestellen het riscico op technische problemen groter.
Mijn conclusie uit deze cijfers is dat het aanbod aan hardware (en dan kijk ik vooral naar het basisonderwijs) hoogstens matig te noemen is. Zoals ik aangaf, zijn de meeste iets oudere toestellen nog prima geschikt voor de educatieve software, internetgebruik, tekstverwerking, … Maar door een groter risico op defecten en de te grote variatie in soorten (gekregen) toestellen nemen ze een veel te grote hap uit de beperkte tijd van de ICT-coördinator.
Als ik mee aan de tafel zou zitten dan zou ik het volgende formuleren:
- Geef scholen om de x-aantal jaar een groot budget van gekleurd geld dat enkel voor hardware-aankoop mag gebruikt worden. Hiermee verplicht je scholen om veel gelijke toestellen in één keer te kopen.
- Scholen sparen hun budget beter op, om grote aantallen in één keer tegelijk te kopen dan jaarlijks te vernieuwen.
Verwante artikels:
- Computergebruik in het Vlaamse onderwijs: Conclusie
- Computergebruik in het Vlaamse onderwijs: de taken van de ICT-coördinator
- Computergebruik in het Vlaamse onderwijs: het gebruik van de computer
- Computergebruik in het Vlaamse onderwijs: de houding en kennis van de leerkracht
- Computergebruik in het Vlaamse onderwijs: Software voor kinderen met een beperking

