Fotografietip 5: compositie
De meeste mensen trekken foto’s louter op gevoel. Maar er zijn een paar regels die er voor kunnen zorgen dat je foto’s onmiddellijk een stuk ‘spannender’ worden.
Zet je object niet altijd in het midden van de foto, maar schuif het wat op uit het midden. Gebruik hier de regel van derden: zet dat kerkje die je wil fotograferen op 1/3 van de linkerrand, of 1/3 van de rechterrand in plaats van het midden. Plaats de horizon bij het fotograferen van een zonsondergang op 1/3 naar de onderkant toe (voor een mooie licht) of 1/3 naar de bovenkant (voor de nadruk op de zee).
Bij portretten hoeven de personen er niet altijd tot aan hun voeten op staan. Zo worden de gezichten kleiner op de foto, waardoor de expressie verloren gaat.
Probeer zowel voor een voor- als achtergrond te zorgen. Een interessante voor- en achtergrond zorgen voor diepte in de foto. Als je mensen bij het onderwerp zet, dan krijg je ook een idee van de grootte van dit onderwerp.
Meer artikels voor beginnen met fotografie:
Dit is het eerste artikel in een reeks van 5 artikels:
- Tip 1: Neem veel foto’s!
- Tip 2: Controleer voor je afdrukt.
- Tip 3: Gebruik de juiste instelling
- Tip 4: Let op met flitsen
- Tip 5: Denk aan je compositie
Begin je te werken met een spiegelreflexcamera, dan kan ik je deze artikels aanraden:
- Deel 1: Beginnen fotograferen met een spiegelreflexcamera: voor- en nadelen
- Deel 2: Bijlezen op de theorie van het fotograferen en nabewerken op de computer
- Deel 3: Extra materiaal: portretlens, zoomlens en opzetflitser
- Deel 4: Conclusie: het is niet (enkel) het materiaal, het is vooral je oog dat voor mooie foto’s zorgt
En wil je weten hoe je voor één euro als een professionele opzetflash kan flitsen, lees dan dit artikel:
Verwante artikels: